Selecteer een pagina

Alle awardshows zijn een beetje dubieus. Zodra een industrie een prijzengala wil en het ook nog eens zelf financiert, is het maar de vraag of de beste inzendingen gaan winnen; of het allemaal zuiver is. Eergisteren werden de nominaties voor de Dutch Game Awards 2015 bekendgemaakt en kwam die vraag bij mij op.

And the winner best shovelware is…

Al enkele jaren, en ook nu weer, wordt het Utrechtse Sticky Studios genomineerd. En zoals ook al eerder gebeurde met maar liefst twee nominaties. 

Voor wie het niet weet: Sticky werkt volgens een strakke en nogal cynische methode. Al jaren maken zij voornamelijk snel geproduceerde f2p spellen, gestyled om mee te liften op een populaire bioscoopfilm. De games gebruiken meestal een geleend casual design en low-quality artwork zodat er snel ingespeeld kan worden op een aankomende filmhype. Dankzij een bovengemiddeld aantal downloads genereren deze games aardig wat aan advertentiegeld.

Vermoedelijk is zakelijk succes de reden waarom ze zo vaak genomineerd worden, want een andere is moeilijk te bedenken. Zeker aangezien toonaangevende critici de genomineerde games omschrijven met zinnen als “Painfully obvious cash grab” (Maze Runner, best casual game), en “…a complete wreck that it’s almost impossible to enjoy playing.” (Interstellar, best technical achievement!).

Sticky zal zich waarschijnlijk weinig aantrekken van dit soort kritiek; het ambitieniveau ligt nu eenmaal verankerd in het businessmodel. Het is ook niet zo dat ik vind dat spellen van Sticky niet mogen bestaan. Als iemand een trucje heeft bedacht om snel geld te verdienen, dan is dat maar zo. Waar ik mij wel over verbaas is dat een nationale game award dit type games bekroont. 

Wat trouwens wel voor Sticky Studios spreekt is dat ze op geen enkele wijze de awards lijken te sponsoren, iets wat niet snel gezegd kan worden van anderen.

Patrons & partners

Omdat ik nu een mijnenveld betreed eerst het volgende: ik kan en wil op geen enkele manier beweren noch bewijzen dat er een direct oorzakelijk verband is tussen donaties en uitslagen. Ook ben ik mij ervan bewust dat het organiseren van een industry award onmogelijk is zónder hulp van de industrie zelf, en in zijn kern daarmee al problematisch is.

Taak van de organisatie is om binnen dit raamwerk toch een integer, geloofwaardig imago te behouden. Dit zal een lastige balanceertruc zijn, maar zeker geen onmogelijke. Over hoe deze balans door de organisatie van de Dutch Game Awards wordt bewaakt kan iets gezegd worden.

Hoge drempel

Allereerst: de prijs van directe sponsoring, de zogeheten patron-bijdrage is…flink. Voor 795,- per jaar kun je een patron worden en ondersteun je ermee de award. Dit is zo’n hoog bedrag dat (en dit is zichtbaar in de patron-lijst) er voornamelijk grotere studios en instanties aan deelnemen.

Nederland bestaat juist uit vele kleinere developers, die misschien graag ook een patron willen worden. Het zou beter zijn om deze prijs aanzienlijk te verlagen zodat meer studios meedoen en er zo een breder gedragen award ontstaat. Een die niet afhankelijk is van de donaties van enkele groten.

Ze domineren ook nog eens, die patrons. Kijkende naar de uitslagen van 2013 en 2014 valt op dat overwegend veel winnaars de patron-status hadden. Daar waar het niet het geval was betrof het vaak een studentengame van de school die wel die status had (meestal HKU).

Over Vlambeer en voorwaarden

Nog een eigenaardigheid. De door Control georganiseerde awards vinden plaats tijdens de Control Conference. Vlambeer is een van de prominente sponsoren hiervan en wordt gelijktijdig genomineerd voor de belangrijkste categorie: die van beste entertainment game. Dit wil niet zeggen dat er sprake is van omkoping, maar wel dat de schijn van belangenverstrengeling kan worden vastgesteld.

Wat die schijn versterkt is dat genomineerde patrons en partners zich niet hoeven te houden aan de inzendvoorwaarden. Dit jaar bijvoorbeeld dingen Grendel Games en Vlambeer, de gedoopte ‘leiders van de Dutch Game Awards’ mee in de belangrijkste categorieën. Hun games echter, Nuclear Throne en Oath of the Gryphon zouden volgens de voorwaarden niet mee mogen doen omdat inzendingen moeten zijn gereleased, of de eerste oplevering hebben tussen 1 juli 2014 en 1 juli 2015.

Nuclear Throne is nog steeds niet officieel gereleased. De game zit wel al vanaf oktober 2013 in Early Access maar wanneer je die datum telt dan is hij weer te oud om mee te dingen. Oath of the Gryphon is ook nog niet op de (zorg)markt. De website van Grendel meldt dat de game in ontwikkeling is, de website van co-partner Groot Klimmendaal schrijft hetzelfde. In een emailreactie van Groot Klimmendaal:

Onze therapeuten hebben inderdaad intensief samengewerkt bij de ontwikkeling en de gebruiksmogelijkheden van de game. Het eindresultaat hebben wij echter nog niet tot onze beschikking. Daarom passen wij de game nog niet toe tijdens revalidatiebehandelingen.”

Dit is niet de eerste keer. Underground (wederom Grendel, destijds ook patron) won op 19 november 2013 terwijl het spel pas beschikbaar was in april 2015.

Ook zonder verbanden genoeg te vinden

Nog steeds wil ik niet beweren dat de Dutch Game Awards niet zuiver opereert aangezien dit enkel observaties zijn die geen verbanden bewijzen. Wel durf ik te stellen dat Control faalt in eerdergenoemde balanceertruc en de al problematische constructie van een industry award enkel uitvergroot. Ze nomineren en belonen shovelware, laten voornamelijk sponsoren of patrons winnen en houden zich voor hen niet aan eigen reglement. Bovendien verhogen ze enkel de prijs van de patron-status (in 2013 was het 750,-) in plaats van hem goedkoper en ermee toegankelijker te maken.

Genoeg dus om te constateren dat Control geen enkele ambitie toont om met zijn awards enige prestige, geloofwaardigheid of relevantie na te streven.

 

Update:

Jurylid Leonie Manshanden heeft een marketing- en consultatiebureau. Tot haar cliënten behoren Gamious en GRIN. Beiden zijn genomineerd voor awards in afzonderlijke categorieën . 

Nadat ik bovenstaande deelde op Facebook, verwijderde Control Leonie van de jurypagina. Ik had de website nog open op mijn telefoon:

Of makkelijker: in de cache

De organisatoren van de Dutch Game Awards is om een reactie gevraagd maar willen niet reageren.  

14-09-2015:  Matthijs Dierckx (eigenaar Control) zegt het artikel niet gelezen te hebben en laat enkel weten dat Leonie Manshanden niet in de jury zit of zat.

16-09-2015: Leonie Manshanden laat in een emailreactie weten dat er enkel gesprekken waren maar dat zij niet in de jury zit of zat. Hoe zij op de lijst kwam kan ze niet verklaren. Control zelf wil hier geen verdere uitleg over geven.