Selecteer een pagina

Voordat ik uit de doeken doe wat ik van WRC 7 vind, eerst een aantal bekentenissen. Rallygames speel ik het liefst…watterig. Schade uit, remhulp aan, moeilijkheidsgraad op easy. Sommigen vinden dat je dit soort spellen zo niet hoort te spelen, maar ik hou daar nu eenmaal van. Wil je weten of WRC 7 je behoefte aan realisme bevredigt, lees er dan maar ergens anders wat over (sorry).

Ik moet ook toegeven dat zelfs met alle hulpmiddelen aan, ik nog steeds weinig bak van virtueel rallyrijden én dat de sport me weinig boeit. Je zou kunnen denken ‘Waarom speel je ze dan?’; een vraag die ik mijzelf ook vaak gesteld heb. Wel, als gamerecensent krijg ik weleens recensie-exemplaren binnen van games buiten mijn comfortzone en heel af en toe denk ik daarbij overmoedig: ‘Why the hell not. Ik vind er wel wat van’.

Op deze manier kwam ik ooit in aanraking met WRC 3, een rallygame. Het bleek een genre dat me in een zen-achtige staat kon brengen. Iedere seconde moest er een beslissing genomen worden en variabelen meegenomen. Hoeveel gas erbij? Op wat voor ondergrond rij ik nu? Hoe scherp is de aankomende bocht? Het klinkt stressvol, maar opmerkelijk genoeg zorgde juist die stress voor een soort…rust.

Zengevoel

Afgelopen jaren raakten de WRC-games echter een beetje in het slop, legde ze het af tegenover de rallygames van Codemasters. Maar sinds een overstap gemaakt werd naar Franse ontwikkelaar Kylotonn – ook verantwoordelijk voor de wedergeboorte van Flatout – zit de serie weer in de lift. Deze laatste maakt zelfs zulke grote sprongen dat de kaarten zomaar anders zijn gaan liggen.

Er blijkt er flink wat extra mankracht ingezet om het wat beter te doen ogen dan zijn voorgangers; auto’s zijn opgeschroefd in detail, omgevingen verrijkt. Wat WRC 7 zo fantastisch maakt om te spelen is de focus op bovengenoemd zengevoel. Dit is te danken aan een combinatie van smallere wegen met meer directe – zelfs wat agressieve – besturing. Aanvankelijk voelt het allemaal wat claustrofobisch en paniekerig en bots je vaker tegen bomen dan je zou willen. Zodra de sweet-spot gevonden is en je auto driftend over zandpaden meandert, begeef je je zowaar in ongekend euforische meditatieve staat. De leukste manier dus om te kunnen zeggen dat je ook spiritueel bezig bent.